Aantekeningen


Treffers 201 t/m 300 van 522

      «Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
201 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Rose Telma Greetje (I2500)
 
202 Franciscus en Susanne Sophie woonden in Amsterdam aan de Ruijsdaelkadenr. 257 (3 hoog). Op 27 januari 1955 verhuisden zij naar de Orteliuskadenr. 86. Dit pand verlieten zij op 27 april 1972 om zodoende en vervolgens in de Reimerswaalstraat (nr. 5) te kunnen wonen. Franciscus was Ridder in de Orde van Oranje-Nassau en Ridder in de Orde van de heilige Gregorius de Grote. In leven is hij bestuurslid geweest van Woningbouwvereniging "Het Oosten". Hij is bijgezet in het familiegraf. Hooghiemstra, Franciscus (I314)
 
203 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Franciscus Henricus Bonifatius (I1411)
 
204 Frans en Agnes hebben van 1959 tot 1968 in Castricum aan de Lindenlaan op nr. 41 gewoond. Na 1968 woonden zij op het adres Braveld nr. 43 te Castricum. Gezin (F363)
 
205 Frappant is dat Hieltje ook in Leeuwarden, in de Breedstraat gedoopt is, met als doopgetuige Feijke Baukes Wartena, #aldus de gegevens van pastoor Wartena te Bolsward, maar volgens hem is dit op 9 october!! 1771 gebeurd. Verifië‰ren!#
Volgens de gegevens is Hieltje "plotseling" overleden. Hieltje was ten tijde van haar overlijden ongehuwd. 
Bokkes, Hieltjen (I13)
 
206 Frederik Hendrik was "commies" van beroep. ten Brummelhuis, Frederik Hendrik (I3965)
 
207 Friese militairen onder Napoleon

Bron: Militairen 1795-1815 Soort registratie: Militairen 1795-1815 inschrijving(Akte)datum: 1815
Bijzonderheden:
Boer, Bouwe Broers de, geb. maart 1793, wonende te Irnsum, zoon van Broer Annes, (overl.) en Baukje Jorrits loteling lichting 1813 mairie Rauwerd; plaatsvervanger Pieter Klazes Romkes, boerenknecht te Mantgum die eind 1813 nog niet is teruggekeerd; bij aanneming familienaam 18 jaar Bronnen: Tresoar toegang 8/4069. 517; Raf Rauwerd fol. 120v; OA Rauwerderhem ongenummerde doos met opschrift: Militie Franse Tijd, Journaal van de maire van de gemeente Rauwerd dienende tot inschrijving van manspersonen van 17-45 jaar etc.

Vermeld
Baukje Jorrits
Vermeld
Pieter Klazes Romkes
Vermeld
Bouwe Broers de Broer
Vermeld
Broer Annes
Bronvermelding
Friese militairen onder Napoleon, archiefnummer 1819, Friese militairen in leger en marine 1795-1815 - Tresoar, inventarisnummer NN_01, aktenummer 391
Periode: 1795-1815
 
de Boer, Broer Annes (I2100)
 
208 Friese militairen onder Napoleon
Bron: Militairen 1795-1815
Soort registratie: Inschrijving militairen 1795-1815
Datum: 1815

Bijzonderheden:
Romkes, Pieter Klazes boerenarbeider, geb. 1792 doop RK Wytgaard 29.01.1792, wonende te Mantgum, zoon van Klaas Cornelis Romkes en Anne Harmens lichting 1813 mairie Rauwerd; plaatsvervanger voor Bouwe Broers de Boer (geb. 1792) te Irnsum; krijgsmachtonderdeel onbekend; is eind 1813 nog niet teruggekeerd Bronnen: Tresoar toegang 8/4069.517; OA Rauwerderhem ongenummerde doos met opschift: Militie Franse Tijd, Journaal van de maire van de gemeente Rauwerd dienende tot inschrijving van manspersonen van 17-45 jaar etc., bij Bouwe Broers de Boer
 
de Boer, Bouwe Broers (I2104)
 
209 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Friso Rindert (I1957)
 
210 Froukje is nooit gehuwd geweest. Rijpkema, Frouwkje (I3291)
 
211 Geertruida Johanna Maria was slachtoffer van het oorlogsgeweld tijdenshet bombardement van Venray. van der Borg, Geertruida Maria Johanna (I727)
 
212 Gegevens o.a. verkregen vanaf bidprentje. Sinnema, Rinze Lucas (I668)
 
213 Gegevens o.a. verkregen vanaf bidprentje. Sinnema, Wiebe Rinzes (I670)
 
214 Gegevens zie IDA-37 (Oud IDA-I9) Feije (I1990)
 
215 Getuigen waren Sieuwke Douma en Abraham Joannes Kamstra Gezin (F1173)
 
216 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Vogelaar, Gosling (I199)
 
217 Gosse Wybes is in 1700 meyer met Sytse Wybes over 72 pondemaat van Sate Emckema te Wartena (stemnr. 7). Hij wordt in 1687 genoemd als naastligger (c.s.) ten oosten van 13 mad miedlanden, "'t Ertlandt" genaamd, die dat jaar gekocht wordt door Jan Hessels te Wartena (IDA56-391b).
Op 15 mei 1695 compareerde Wybe Jetses als grootvader over de vier kinderen van wijlen Pijtie Dircks bij Gosse Wybes in echte verwekt. Gosse Wybes hertrouwt Hendrickje Gerrijts. Het betreft een akkoord overscheiding en deling van goederen, waarbij Gosse Wybes zich verplicht aan ieder van zijn vier kinderen, wanneer ze hun zelf kunnen of menen te kunnen redden 100 gg uit te keren. Verder om hen behoorlijk te onderhouden en iets te laten leren. Op 20 januari 1696 verklaart Lolcke Gerrijts als man en voogd over Antie Gosses dat schoonvader Gosse Wybes hem deze 100 gg heeft voldaan. (IDA 43-79) #te bevragen bij Schaafsma#
(Gegevens overgenomen van Schaafsma)  
Wybes, Gosse (I367)
 
218 Hans Tjerks van der Meer overleed om 17.30 uur. #Volgens het bevolkingsregister te Grouw komt in mei 1857 ene Trijntje-Hanzes van der Meer inwonen. Zij is dan weduwe en is geboren op 09-01-1832!!!# van der Meer, Hans Tjerks (I609)
 
219 Hendrik Kramer richtte in 1901 in Joure het vervoersbedrijf "LIBRA" op. Eerst met een stoomschip over water en later ook over de weg met vrachtwagens. In de jaren 30 namen zijn zonen Hendrik en Hijlke het bedrijf van hun vader over. In 1952 splitste Hijlke zich af en startte een eigen vervoersbedrijf met de F.R.E. Het Libra-bedrijf werd in 1965, vlak na het overlijden van Hendrik, verkocht. Kramer, Hendrik Hendriks (I2859)
 
220 Hendrik was sigarenmakersknecht. Blumers, Hendrik (I3883)
 
221 Hendrikus vertrekt naar Makkum (zie algemeen register 160-352) en naar Franeker, omstreeks 1915?# Hendrikus vertrekt vanuit Dantumawoude en laat zich op 9 juni 1894 te Dongjum (gemeente Franekeradeel) inschrijven. Drie jaar later vertrekt hij dan om zich per 21 mei 1897 in Franeker te vestigen.
Hendrikus werd op 21 december 1892 goedgekeurd voor de militaire dienst. Bij de keuring bleek dat hij 1,749 meter, groot was, dat hij een ovaal gezicht had en dat hij blond haar, blauwe ogen en een smal voorhoofd had. Hij had een ovaal gezicht. Zijn mond en neus werden gekenmerkt als zijnde "ordinair", hetgeen destijds "gewoon" betekende. Verder waren er geen speciale uiterlijke kenmerken op te noemen. 
Hooghiemstra, Hendrikus (I293)
 
222 Hermanus was van beroep linnenwever. Duipmans, Hermanus Berends (I575)
 
223 Hessel is geboren om 23.30 uur.  van der Kolk, Hessel Wijbes (I640)
 
224 Hessel is om 05.00 uur geboren. Langhout, Hessel (I654)
 
225 Hessel Jans noemt zich bij naamsaanname "De Jong". Jans, Hessel (I598)
 
226 Hessel Lolckes boerde op "Het Hooghiem" onder Wartena. Lolckes, Hessel (I84)
 
227 Hessel neemt de naam van der Kolk aan. (zie akte, bijlage 1). Hessel is in 1855 weduwnaar en woont dan tot zijn overlijden bij dochter Ydje in. Botes (VAN DER KOLK), Hessel (I70)
 
228 Hessel werd om 16.00 uur geboren. Boersma, Hessel (I796)
 
229 Hessel Wijtses is overleden door verstikking Wijtses, Hessel (I541)
 
230 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Franciscus Theodorus (I733)
 
231 Het gezin vertrekt volgens het bevolkingsregister te Joure per09-06-1884 naar Woudsend. Omdat Jacobus schipper was woonden Minke enJacobus op het schip. Laagland, Jacobus (I218)
 
232 Het gezin woonde in de Boterstraat op nr.2 te Joure, het pand waar laterde fam. T. Gorter woonde. Hooghiemstra, Bauke (I122)
 
233 Het gezin woonde in de jaren zestig aan de Bûtsingel te Joure Gezin (F319)
 
234 Het gezin woonde tot augustus 1964 te Joure in de Hobbe van Baerdtstraat op nr.37. De woning aan de Hobbe van Baerdtstraat (in 1933 nog "Simonsteeg") is in opdracht van Bruno en Wietske in 1933 gebouwd. Even na de oorlog was de hypotheek afbetaald. Bruno overleed een poosje later tengevolge van een hersentumor. Wietske bleef achter met negen kinderen. De oudste, Hijlke, was veertien jaar, de jongste, Jouke, was anderhalf jaar oud. Wietske heeft het destijds kunnen bolwerken omdat ze haar enige sociale zekerheid, ze had n.l. geen woonlasten meer, koesterde.  Hooghiemstra, Bruno (I21)
 
235 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Gezin (F653)
 
236 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Gezin (F654)
 
237 Het huwelijk is waarschijnlijk kinderloos gebleven. Gezin (F1208)
 
238 Het huwelijk van Popke en Anna is waarschijnlijk kinderloos gebleven. Nasporing in het geboorteregister heeft tot nu toe niets opgeleverd. Gezin (F1001)
 
239 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Gezin (F389)
 
240 Het was een drukke dag op het gemeentehuis te Joure. De gemeenteambtenaar moest op de trouwdag van Hijlke en Reinskje nog 10 huwelijken voltrekken. Ook de jongste zus van Reinskje, Antje, stapte deze dag, met Joeke Schepen, in het huwelijksbootje.  Gezin (F4)
 
241 Hidde Paulus was boer en ontvanger kerkvoogd. Paulus, Hidde (I4024)
 
242 Hijlke had reeds de woning in de Vissteeg gekocht voordat hij trouwde, met de bedoeling om hier met zijn ouders te gaan wonen. Hij kocht van Arjen B.de Jong, ook kastmaker, het perceel kadastraal bekend als Joure, sectie A, nr.2951 aan de Vissteeg. De akte werd gepasseerd op 8 december 1900. Het was een overeenkomst met hypotheek. Het pand werd gekocht voor f 1.100,-. Hijlke betaalde f400,- ineens en het resterende bedrag lost hij à f50,- per jaar af, tegen een rente van 4%, beginnende op 1 november 1901 (zie "Aankoop Vissteeg"). Hijlke en Reinskje woonden te Joure in de Vissteeg op nr.21. Hijlke woonde daar met Reinskje tot het overlijden van Reinskje. Na het overlijden van Reinskje woonde Hijlke in het Theresiahuis in Joure. In de laatste jaren van zijn leven dementeerde Hijlke. Hooghiemstra, Hijlke (I33)
 
243 Hinke Lucas Sinnema overleed in het Ritske Boelema Gasthuis. Sinnema, Hinke Lucas (I643)
 
244 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Carolus Philippus (I736)
 
245 Hylke Klazes was van beroep timmermansknecht te Woudsend. Rijpkema, Hylke (I2645)
 
246 Hylkjen is niet gehuwd geweest. de Boer, Hylkjen (I3621)
 
247 Idzard en Neeltje hadden volgens het DTB te Leeuwarden waarschijnlijk een gemengd huwelijk #zie ook IDA DTB 431#. Kinderen volgens IDA. DTB 431 NH gedoopt Gezin (F483)
 
248 IJzak en Jantje werden op 20 mei 1905 uitgeschreven uit het bevolkingsregister van Baarderadeel en vertrokken toen vanuit Bozum naar Sneek. Ijzak staat dan vermeld in het bevolkingsregister als "spoorwegbeambte".  Gezin (F38)
 
249 In 1665 is ene Dirck Botes kuiper op de Lytse Buren. #Ik heb Dirck vanwege een vermoeden als kind geplaatst bij Bote Abes. Dit moet echter nog bewezen worden# Dirck Botes was gehuwd en is overleden voor 5 mei 1679. #Procl. Ida. 1672-1701, nr. 170a.#  Botes, Dirck (I167)
 
250 In 1824 is Johannes Bokkes 30 jaar oud en van beroep timmerman. De huurwaarde van zijn pand bedraagt f60,-- per jaar. Hij betaalt geen belastingbijdrage (LBN koh. 1824). Inwonende is wed. J. Henning. De huurwaarde voor haar is gesteld op f 175,--. Zij betaalt geen belastingbijdrage. Het adres te Leeuwarden waar zij wonen is F.002, een pand aan de Vleeschmarkt, nu deel uitmakend van de stille kant van de Nieuwestad te Leeuwarden en wel dat gedeelte wat gelegen is tussen de Bagijnesteeg en de Nieuwesteeg. Tegenwoordig maakt de Vleeschmarkt gewoon deel uit van de Nieuwestad.
Johannes overleed des avonds om 23.00 uur, aldus aangegeven door Johannes Henning, faakschipper?, voormalig schoonbroer, oud 43 jaar. 
Bokkes, Joannes (I1)
 
251 In 1830, bij de geboorteaangifte van zoon Willem, woonde het gezin in Beetsterzwaag en was Durk Hendriks schipper van beroep. Huisman, Durk Hendriks (I3938)
 
252 In 1912 bij aangifte van de geboorte van Johannes was Tjibbe van beroep arbeider. Hoogerhuis, Tjibbe (I2527)
 
253 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Doeke (I245)
 
254 In Dantumawoude woonden Stephanus en Geeske op nr. H 2. Op 14 november 1947 lieten Geeske zich overschrijven naar Dokkum, Bronlaan E 161. Vanaf 13 juli 1959 is haar adres Birdaarderstraatweg nr. 25 te Dokkum. Hooghiemstra, Geeske (I301)
 
255 In de archieven staat vermeld dat de geboorteaangifte van Wybren pas op 14 oktober 1812 heeft plaats gevonden. Hoogerhuis, Wybren Lumes (I2547)
 
256 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Gezin (F863)
 
257 In de huwelijksakte van Johannes Tjerks wordt als woonplaats Rinsumageest opgegeven. Daags na de huwelijksvoltrekking wordt de geboorte van een dochter, genaamd Pierkje aangegeven bij het gemeentehuis te JOURE! De eerste keer dat de naam HOOGHIEMSTRA te Joure verschijnt. Johannes Tjerks laat zich op 20-12-1853 inschrijven in het bevolkingsregister te Joure.
Johannes Tjerks is jarenlang koetsier geweest bij de adellijke familie "Vegelin van Claerbergen" op het slot Herema State te Joure. Johannes Tjerks woonde toen aan de Groene Dijk nr.4 (zie bijlage ). Het pand was onderdeel van het voormalige koetshuis (zie onderstaande foto), nu onderdeel van de dependance van het gemeentehuis aan de Appelwyk.
Johannes Tjerks kocht op 24 januari 1863 voor f 575,- + f 2,- leges en een rente… 4% aan de Kakelsteeg te Joure het perceel kadastraal bekend destijds als sectie A nr.386 (bijlage 5). Aanvaarding voorkamer per 12 mei. De achterkamer wordt verhuurd à… f 0,50 cent per week, o.a. aan schoonzus Jantje. Johannes presteerde het destijds om achter de woning nog een paar koeien te stallen. Toen Johannes Tjerks het pand kocht was de Kakelsteeg een normale volksbuurt. In latere jaren verviel de Kakelsteeg tot achterbuurt. Volgens overlevering was dochter Pierkje geestelijk minder valide. Pierkje heeft altijd bij haar vader Johannes Tjerks gewoond en is er na de dood van haar vader in de Kakelsteeg blijven wonen. Na de dood van Johannes Tjerks werd Pierkje verzorgd door Johannes en Johanna, 2 ongehuwde kinderen van broer Tjerk.  
Hooghiemstra, Johannes Tjerks (I55)
 
258 In de huwelijksakte wordt aangegeven dat Antje van beroep naaister was. Drijfhout, Antje Heeres (I3934)
 
259 In de huwelijksakte wordt aangegeven dat Johannes van beroep "veenbaas" was. Kruis, Berend (I2039)
 
260 In de overlijdensakte staat vermeld dat Aafke "winkeliersche"was op het moment van aangifte van haar overlijden. Bosma, Aafke Willems (I2748)
 
261 In de overlijdensakte staat vermeld dat Pieter van beroep "grofsmid" was. Rekers, Pieter Hendriks (I2973)
 
262 In de overlijdensakte stond vermeld dat Wybren tijdens zijn leven winkelier was. Hoogerhuis, Wybren Lumes (I2547)
 
263 In de overlijdensakte van Sybren staat dat hij tijdens zijn leven het beroep van "gardenier" uitoefende. Herrema, Sybren Harmens (I2577)
 
264 In een akte #Procl. Ida# van 07-07-1721 wordt Ate Wiebes als bakker vermeld. #Volgens de DTB-informatie was er een ATE Wiebes met ene Tjitske Tieerds getrouwd. Alhoewel aangenomen wordt dat Abe en Ate dezelfde personen waren heb ik het vermoeden dat dit weldegelijk twee verschillende personen zijn geweest, temeer omdat beide voornamen rechtstreeks in de familie voorkomen. Abe moet dan als oudste naar zijn vader genoemd zijn. Een jaar of een aantal jaren later zal dan Ate geboren zijn en is genoemd naar de oom van Wiebe Abes, n.l. naar Aete Botes.# Wiebes, Abe(Ate?) (I386)
 
265 In een akte van 24 mei 1610 wordt Wyts Abe dr. als weduwe van MeileBartels genoemd. Bartels, Meile (I856)
 
266 In een akte van 25-10-1617 #Ida. C2 blz. 55# worden Bote, Wyb en Wyts reeds vermeld. In een akte #IDA J3# van 06-04-1627 van een openbare verkoop wordt vermeld bij de vaste goederen: huijzinge te Warga bewoont door Bote Ates en Aet Abes dr. echtelieden, en Meile en Wijts Abes dr. Aan huijshuijr was schuldig 12.0.0 goudgulden. In een akte van 23-07-1655 #procl.Ida. 228d# wordt vermeld dat het huis verkocht is "begin Grote Buren met Bote Ates ten Noorden". Ates, Bote (I164)
 
267 In een brief van pastoor Johannes Wennekers aan de aartsbisschop staat het volgende vermeld (zie bijlage ):
"Monseigneur, een vrome ziel dezer parochie, Elisabeth Sybrens Zwart genaamd, wenst ons allerarmzaligst kerkje f 3000,-- te vermaken, zonder successievoorwaarden".
Verderop in het schrijven blijkt dat dit ongeveer 10% van de bouwsom was. De aanbesteding van de kerk vindt plaats op 18 februari 1860. Eind oktober 1862 is het schilderwerk gereed. De kerk is nog steeds, met de voormalige hervormde kerk, een boegbeeld van het dorp Warga. 
Sybrens (Zwart), Elisabeth (I82)
 
268 In een obligatieakte van 06-04-1710 wordt melding gemaakt van Bocke Abes en Ansk Gosses als echtelieden.
Bocke Abes staat als alleenstaande vermeld in het quotisatiecohier(belastingregister) van 1749. Dit quotisatiecohier werd afgerond op 17 februari 1749. Ansk Gosses is dus waarschijnlijk overleden vòò••r deze datum! 
Gosses, Ansk (I99)
 
269 In het bevolkingsregister staat Gerardus vermeld als "spoorwegbeambte" en "stationschef". Op 11 december 1905 vertrekt hij vanuit Stad Delden naar Exloo. Op 3 oktober 1906 vestigt hij zich van uit Odoorn in Princenhage en hij kwam, met zijn gezin, op 22 mei 1909 vanuit Princenhage naar Friesland, naar de gemeente Schoterland. Naast zijn echtgenote Johanna Koning ter Stege werden de kinderen Hermina Johanna, Hendrikus Johannes, Frederik Hendrik, Johan Hendrik en Johanna Gerarda Aleida ingeschreven in het bevolkingsregister. Op 27 mei 1918 laat Gerardus het gezin uitschrijven en vertrekt naar Dalerveen in Drente maar op 1 juli 1918 laat het gezin zich opnieuw inschrijven in de gemeente Schoterland. ten Brummelhuis, Gerardus (I3950)
 
270 In het bevolkingsregister van Baarderadeel (inventarisnummer 488, pagina 10/161) is het geboortejaar van Popke aangepast van 1866 naar 1867. Inventarisnummer 488, pagina 73/127 en 13/162 geven aan dat Popke op 30 augustus 1866 is geboren. Het overlijdensregister geeft aan dat Popke overleden is op 67-jarige leeftijd. Dit houdt dan in dat Popke in 1866 geboren moet zijn. de Boer, Popke Broers (I2231)
 
271 In het quotisatiekohier, opgenomen op 17 februari 1749, staat het volgende vermeld:
pag. 93 Abe Bokkes wed. arme weduwe.
Het gezin bestaat bij deze telling uit
4 personen boven de twaalf jaar, waarbij
Abe Bokkes wed. dan is meegeteld.
#Huwelijksdatum geverifiëerd met DTB 435#  
Gezin (F12)
 
272 In IDA 4-103, d.d. 7 mei 1613 staat vermeld: "Jelger Jetses en Rieme Rintjes, echtelieden te Leeuwarden, schuldig aan mijn moeder Ulck Wybes, weduwe Jetse Jelgers 50 gg"; De akte is mede ondertekend met het merk van Binnert Dirx "mijn zwager". Tevens staat vermeld: "Saep Jetses x Binnert Dirx 50 gg, schuldig aan Ulck Wybes, weduwe Jetse Jelgers, mijn moeder";
Douwe en Jelger Jetses verklaren 11 mei 1618?? dat Saep Jetses, weduwe wijlen Binnert Dirx, aan haar moeder de schuld heeft voldaan. (IDA 4-103 en 103v mei 1613) 
Jetses, Jelger (I1630)
 
273 In IDA 56-514a, jaar 1692, staat vermeld dat "De erfgenamen van Jucke Juckes en Sijts Wopkes, echtelieden, overleden te Wartena, verkopen huis en schuur c.a. te Wartena voor 135 cg, met Wybe Jetses ten Oosten en Jan Juckes weduwe ten Zuiden". Juckes, Jucke (I1637)
 
274 In IDA. inv.nr. 13-21, nr. 58, folio 27 is te vinden dat Lolcke Hessels in ieder geval vòò••r 17 januari 1729 is overleden.
Lolcke Hessels c.u. te Wartena kopen een huis bij hun zelf bewoond voor 440 cg van Pytter Ales c.s. (IDA 56-702b, 1697). Tevens verkopen Lolcke en Antie een huis met hiem staande op het eiland te Wartena voor 230 cgaan Albert Hieltjes en Fook Hessels te Warstiens (IDA 56-738a, 1699). 
Hessels, Lolcke (I497)
 
275 In juli 1849 vond een drama plaats in het gezin van Rinnert Jans. Binnen 5 dagen overleden zijn vrouw Korneliske Meintses op 33 jarige leeftijd en 3 van zijn 4 kinderen, slechts bijna 4, 6 en 7 jaar oud. Wat er gebeurd is heb ik nog niet kunnen achterhalen, maar mijn vermoeden gaat uit naar de cholera-epidemie die in de zomer van 1849 in geheel Nederland heerste. Bij een slechte hygiëne en vervuild drinkwater liep je destijds een groot risico.
Rinnert Jans was schipper en visser. Uit de rolboeken blijkt dat Rinnert Jans het wat minder nauw nam met de wet, hetgeen ook blijkt uit het feit dat hij een aantal keren gedaagd werd voor wat kleinere vergrijpen e.e.a in verband met de visserij.
Mocht iemand van de familie Brouwer dit lezen en nog iets weet uit overlevering, zodat mijn vermoedens weerlegd of bevestigd kunnen worden, dan zou ik dat op prijs stellen dat men met mij daarover contact opneemt. 
Brouwer, Rinnert Jans (I2900)
 
276 In verband met een reunie in 1982 van de nakomelingen van Bauke Hooghiemstra (geb. in 1836) is door Wouter B. F. Hooghiemstra (geb.14-09-1930) het volgende verhaal geschreven, hetgeen de sfeer van destijds zeer treffend weergeeft:

In gedachten gaan we terug naar ongeveer het jaar 1900.

Tijdens die jaren woonden in de Kleine Oosterstraat te Dokkum, Wouter Hooghiemstra en Janke Erich met hun kinderen Bouke, Barbara, Frans, Wouter en Tjerk. Wouter was afkomstig van de Hogedijken, even buiten de stad. Zijn vader (Bauke) was boerenarbeider bij de familie Ypma. Janke kwam uit Niawier, een dorpje 8 km ten noorden van Dokkum. Haar vader (Wouter Erich) was hier schoenmaker, klokluider en had nog vele andere baantjes. Deze familie Erich ging iedere zondag, over modderige wegen lopend, in Dokkum ter kerke. Wanneer ze halverwege waren, werd er uitgerust op een grote steen voor een boerderij aan de kant van de weg. De moeder van Janke heette Barbara Kienstra. Dit was een bijzonder lief en vroom mens. Op een donkere winteravond in het jaar 1900 was Bouke als kleine jongen van 6 jaar per postkoets op weg van Niawier naar Dokkum. Hij was erg bedroefd, want zijn "pake" uit Niawier was zojuist overleden. Wouter was meester-timmerman bij baas Erich aan de Westersingel. Winterdag moest er gewerkt worden van s'morgens 6 tot s'avonds 7 en in de zomer van s'morgens 5 tot s'avonds 8 uur. Alleen zaterdags werd er korter gewerkt, zodat men s'avonds tot 10 uur gelegenheid had om naar de barbier te gaan. Men was dan op zondag netjes. Het was echt een tijd van "Ora et Labora" of wel "bidt en werk". Er waren in die tijd veel R.K. feestdagen te vieren als zondag, zoals Maria Hemelvaart, Maria Lichtmis, Drie Koningen e.a. Er werd dan niet gewerkt, maar men verdiende dan ook niet. Vakantie bestond niet. Winterdag moest Wouter voor zijn werk meestal in een ijskoud huis de turfkachel aanmaken met houtjes en petroleum. Janke deed de huishouding en dreef daarnaast een kruidenierswinkeltje voor de omliggende buurt. Meestal werd er "op de pof" gekocht en één keer in de week werd er afgerekend. Dikwijls kwam het voor dat er dan te weinig geld was, wat weer de nodige problemen gaf. Het waren destijds veelal grote gezinnen in grote armoede en er was vaak drankmisbruik. Voor in het huis was dus het winkeltje, via een kleine gang kwam men in de huiskamer, waarin het hele gebeuren plaats vond, zoals eten koken, de grote was en alle huishoudelijke beslommeringen. Ook sliepen Wouter en Janke hier in een bedstee. De kinderen gingen via een ladder naar boven en sliepen daar op de zolder onder een zogenaamd "onbeschoten dak". Tussen de kieren van de dakpannen door zag je dan de blote hemel. Naast het huis liep een steeg, zodat men achterom kon. In deze steeg, aan de muur, had Bouke allemaal geraniums op planken staan. Aan de andere kant van genoemde steeg stond de Franse school. Daar weer naast stond de "normaal" school, waar zoon Wouter de opleiding voor onderwijzer volgde. Wanneer er in de zomer een droge periode was en de waterput daardoor leeg was, dan moest Wouter met twee emmers, hangend aan een juk over zijn nek, water halen bij de Bonifaciuspomp (10 minuten lopen). Bouke moest op elf jarige leeftijd van school af om het timmervak te leren. Na enkele jaren opleiding (zonder verdienste) werd hij gezel en verdiende één rijksdaalder per week. Wanneer hij deze rijksdaalder thuis afgaf, lag er op de schoorsteenmantel een meelkoekje voor hem klaar. Omstreeks 1910 begon Wouter Baukes een eigen timmermansbedrijf. Wanneer er in de winter weinig werk was waren ze enigszins blij als er iemand dood ging, dan konden ze weer een doodskist maken. Intussen was Bouke ook bij zijn vader in de zaak gekomen. Ze hadden veel timmerwerk bij de melkfabriek in Betterwird (even buiten Dokkum). Wouter Baukes bouwde o.a. de direktie-woning bij de zuivelfabriek te Betterwird. Wouter Baukes had op latere leeftijd het fietsen geleerd. Dit werd hem in 1916 (midden in de 1e wereldoorlog) noodlottig. Toen hij op weg was naar genoemde melkfabriek, moest hij paard en wagen passeren ter hoogte van de smederij aan de Streek, tussen Betterwird en Dokkum. Op het moment van passeren sloeg de smid op het aambeeld, waardoor het paard schrok en begon te steigeren. Wouter kwam op de fiets klem te zitten en viel op de grond waarna hij de wielen van de wagen over zich heen kreeg. Hij is toen zwaar gewond per stoomboot vervoerd ter opname in het Amelandhuis (of ook wel Bonifatiushuis), het ziekenhuis aan de Voorstreek in Leeuwarden, waar hij de volgende dag is overleden. Bouke stond toen voor de taak om zowel thuis als in de zaak zijn vader te vervangen, hetgeen hij voortreffelijk heeft gedaan. Ik hoop hiermee een beeld te hebben kunnen geven van onze ouders en grootouders.

Aldus Wouter Bonifacius Franciscus Hooghiemstra.  
Hooghiemstra, Wouter Baukes (I289)
 
277 Inde huwelijksakte stond vermeld dat Hendrikus klompenmaker van beroep was. ten Brummelhuis, Hendrikus (I3987)
 
278 Inv. ten sterfhuis wijlen Jucke Jetses, aangeefster Tiet Jouckes kinderen: Jan 20 jr, Frouck 17 jr, en Jetse 15 jr. met curator Wybe Jetses (IDA 39-248v in 1674)
Wybe Jetses als curator over Jetse Juckes, Jucke Juckes en Jacob Jans als man van Foock Juckes met last van Jan Juckes, erven van wijlen Frouck Juckes; te erven bedrag 100 gg, in vier gelijke parten, elk dus 25 gg. Er was 50 gg. staande bij Sytse Oeges, Wartena. (IDA 40-412 in 1680)
De erfgenamen van Jucke Jetses en Sijts? Wopkes, echtelieden, overleden te Wartena, verkopen schuur en huis c.a. te Wartena voor 135 cg?, met Wybe Jetses ten Oosten en Jan Juckes weduwe ten Zuiden. (IDA 56-514a in 1692) 
Jetses, Jucke (I1633)
 
279 Jacob werd s'ochtends om 1 uur geboren. van der Kolk, Jacob Wijbes (I639)
 
280 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Jan Hendrik (I1956)
 
281 Jan Hendrik was landbouwer van beroep. ten Brummelhuis, Jan Hendrik (I3974)
 
282 Jan Hendriks neemt in 1811 de naam "Noppert" aan. Noppert, Jan Hendriks (I460)
 
283 Jan Hendriks was "grofsmid". Rekers, Jan Hendriks (I2879)
 
284 Jan Hessels is overleden tijdens de vaart. Hessels, Jan (I671)
 
285 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Jan Meinze (I1056)
 
286 Jan Pieters was van beroep kuiper. Postma, Jan Pieters (I3653)
 
287 Jan Stefanus boerde op een klein boerderijtje "'t Tabakslân" in Westermeer. Alvorens Jan en Tetje zich daar vestigden hebben zij, omdat de woning nog niet klaar was, direkt na het huwelijk nog ongeveer een jaar in de Houtmolensteeg gewoond, alwaar hun oudste zoon Tjerk werd geboren. Het boerderijtje in Westermeer was te klein voor een gezinsinkomen. Jaarlijks werd los land bij gepacht om de 7 à 10 koeien de kost te geven.
Op 12 mei 1934 werd een veel grotere boerderij (ongeveer 20 ha.) gepacht van Douwe Egberts. Deze boerderij stond tegen de gebouwen van de Douwe Egberts fabrieken aan en was bekend bij de posterijen als Slachtedijk A1b. Op 2 juni 1954 werd dit adres vernummerd, waardoor het adres werd veranderd in Slachtedijk nr. 20.
Om uitbreiding van Douwe Egberts te kunnen realiseren stond de boerderij in de weg. Besloten werd om de pachtovereenkomst te beëindigen en de boerderij af te breken.
Op 15 april 1957 werd boerenboelgoed gehouden waarbij al het vee en de inventaris werden geveild.
Het gezin verhuisde naar een leegstaande boerderij aan de Slachtedijk(nr. 25). Dit adres werd op 8 februari 1958 officiëel ingeboekt in het bevolkingsregister van Haskerland. Volgens ditzelfde register kochten zij in 1963 (volgens familieopgave reeds in 1958) een woning in de Hobbe van Baerdtstraat (nr. 32) waar zij 23 september (augustus?) gingen wonen. Jan Stefanus woonde hier tot aan zijn overlijden op 11 januari 1971.
Zoon Johannes is met moeder Tetje nog enkele jaren blijven wonen op dit adres.
 
Hooghiemstra, Jan Stefanus (I133)
 
288 Jan verbleef tijdens de oorlog van eind 1942 tot het einde van de oorlog in Duitsland - Walsrode - bij Hannover. Hooghiemstra, Jan (I269)
 
289 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Hooghiemstra, Janke Barbara Henriette (I731)
 
290 Jantje vertrekt per 03-07-1912 naar Workum. Vanaf 9 september 1922 tot 14 maart 1966 woonde zij in Haarlem (Jelgersmastraat nr. 29). Daarna heeft zij weer in Workum (Noard 177) gewoond. Hooghiemstra, Jantje (I142)
 
291 Jantje was vanaf 26-11-1934 dagmeisje in Leeuwarden aan de Pelikaanwegnr.13 en vanaf 24-08-1936 was ze ingeschreven als dienstbode bij de fam. Hettinga aan de Spanjaardslaan nr.33 te Leeuwarden. Hooghiemstra, Jantje (I35)
 
292 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Huitema, Jaring Tjitte (I341)
 
293 Jeltje is geboren om 03.30 uur en overleed om 00.30 uur. van der Kolk, Jeltje Jacobs (I786)
 
294 Jitske heeft waarschijnlijk een roerige jeugd gekend. Op 8 jarige leeftijd, in 1853, overleed haar vader Folkert Zuiderbaan. Folkert was toen slechts 36 jaar oud. Jitske was 11 jaar oud toen in 1856 haar moeder Saapke hertrouwde met Berend Dijkman, 43 jaar oud. Dit huwelijk duurde slechts even. Het noodlot sloeg binnen 4 maanden weer toe. Ook Berend overleed. In 1857, 10 maanden na het overlijden van haar 2e echtgenoot Berend, trouwde Saapke met de 39 jaar oude Bernard Blumers. Drie maanden na deze huwelijksvoltrekking kreeg Jitske er op 12 jarige leeftijd een halfzusje bij, genaamd Elisabeth. Door het huwelijk tussen moeder Saapke en Bernard Blumers kwam er tevens een stiefbroertje, Hendrik, en 2 stiefzusjes, Susanna en Sjoerdje, binnen het gezin een plek innemen. In 1860 kwam er, op 15 jarige leeftijd van Jitske, nog een halfzusje bij, genaamd Jantje. Zuiderbaan, Jitske (I576)
 
295 Joanna vestigt zich op 11 februari 1956 te Sneek. Sinds 1964 woont zijin Groningen. Hooghiemstra, Joanna Margrita Alida (I728)
 
296 Joanna was van beroep boerwerkster Nibbelink, Joanna (I3979)
 
297 Johanna werd om 1 uur s'ochtends geboren. van der Kolk, Johanna Botes (I644)
 
298 Johanna woonde in Joure, samen met broer Johannes, eerst in de Houtmolensteeg, later aan de Geert Knolwegnr. 53. Op 2 december 1959 liet zij zich in het Theresiahuis te Joure inschrijven.  Hooghiemstra, Johanna (I131)
 
299 Johannes Bernardus heeft de volgende beroepen achter zijn naam staan: opzichter, caféhouder en vervener. Egbring, Johannes Bernardus (I4008)
 
300 Johannes is geboren als buitenechtelijk kind van Marijke de Vries en is bij zijn geboorte met de achternaam van moeder Marijke ingeschreven in het geboorteregister van Sneek als Johannes de Vries. Spoelstra, Johannes (I4071)
 

      «Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende»